
We krijgen regelmatig vragen over het combineren van werken via tewerkstelling zoals uitzendarbeid of werken als persoonlijke assistent via een sociaal secretariaat en werken via bv. bijklussen met een deeleconomieplatform of vrijwilligerswerking.
Alvorens je een combinatie start, kan je je best goed laten informeren. Hieronder geven we alvast wat meer toelichting.
Combinatie deeleconomie en vrijwilligerswerk
Je kunt vrijwilligerswerk en deeleconomie combineren mits strikte opvolging van de timing en het takenpakket.
Waar zit het risico?
Het takenpakket: De taken moet duidelijk van elkaar verschillen. Je mag niet voor dezelfde taak in dezelfde periode vrijwilligerswerk en deeleconomie combineren.
Timing: We raden aan om eerst het vrijwilligerswerk af te sluiten en pas daarna te starten met deeleconomieactiviteiten (of omgekeerd).
Mogelijke gevolgen
Als het totaal hoger is dan het maximumbedrag voor deeleconomie, verliest de vrijwilliger het belastingvoordeel en moet die extra belastingen betalen.
Combinatie tewerkstelling en deeleconomie/vrijwilligerswerking
Een combinatie binnen hetzelfde jaar wordt afgeraden. Uit juridisch advies en informatie van de FOD Financiën weten we dat er risico’s aan verbonden zijn mocht je dit toch doen.
Waar zit het risico?
Het risico ontstaat vooral wanneer een assistent voor dezelfde budgethouder:
- Werkt via een deeleconomieplatform; of als vrijwilliger via een erkend vrijwilligersorganisatie.
- En in hetzelfde jaar ook werkt als werknemer (bijvoorbeeld via een uitzendkantoor, DPA of sociaal secretariaat).
Volgens juristen en de fiscus kan dan geoordeeld worden dat het eigenlijk om dezelfde beroepsactiviteit gaat. In dat geval kan de overheid beslissen om de situatie anders te beoordelen dan oorspronkelijk bedoeld.
Mogelijke gevolgen
Wanneer de activiteiten worden herbekeken of “geherkwalificeerd”, kunnen er extra kosten en verplichtingen ontstaan:
- RSZ-bijdragen moeten betaald worden;
- bijkomende administratie komt erbij;
- inkomsten uit deeleconomie kunnen beschouwd worden als beroepsinkomsten;
- de assistent kan mogelijks extra belastingen betalen;
- zowel de budgethouder als de assistent kunnen met extra kosten geconfronteerd worden.
Het exacte bedrag verschilt van persoon tot persoon en hangt af van de totale inkomsten.
Wanneer is er minder risico?
Op basis van de huidige adviezen lijkt er minder risico te zijn wanneer:
- de assistent via een arbeidsovereenkomst werkt voor een andere persoon dan degene waarvoor hij of zij via deeleconomie/vrijwilligerswerking activiteiten uitvoerde;
- of wanneer de activiteiten duidelijk verschillend zijn van elkaar. Indien je hierover twijfelt kan je dit best bij de instantie zelf even nagaan.
Ons advies
Wij vinden het belangrijk om onze budgethouders zo correct mogelijk te informeren en dus dergelijke risico’s te vermijden. Let dus op bij enige vorm van combinatie binnen hetzelfde jaar.
Heb je vragen over jouw specifieke situatie? Neem dan contact op zodat we samen kunnen bekijken hoe we jouw ondersteuning goed kunnen organiseren.